Leeswijzer

De programmabegroting als onderdeel van de planning- en controlcyclus

De programmabegroting is een belangrijk instrument voor de gemeenteraad om zijn kaderstellende rol in te vullen. In de programmabegroting geeft de gemeente aan wat ze het komend jaar wil doen om bepaalde doelen te bereiken en wat dat mag kosten. Daarmee vormt de begroting een duidelijk kader waarbinnen het gemeentebestuur en de organisatie het komend jaar moeten werken. Deze begroting is niet alleen voor financieel specialisten, maar voor iedereen. Het gaat immers om het gemeentelijk huishoudboekje en dat moet voor een ieder te volgen zijn. Deze leeswijzer geeft aan hoe de begroting is opgebouwd, wat waar te vinden is en welke relaties er liggen naar andere documenten uit de planning en controlcyclus.

De planning- en controlcyclus

De gemeenteraad geeft het college financiële en inhoudelijke kaders mee voor het beleid en de uitvoering daarvan. Het uitgangspunt voor deze kaderstellende rol is het raadsakkoord 2022-2026 'Bouwen aan de toekomst'.Dit akkoord bepaalt in hoge mate de inhoud van de documenten in de jaarlijkse begrotingscyclus: kadernota, meerjarenbegroting, najaarsnota en jaarstukken. De kadernota is een uitwerking van de bestuurlijke agenda. Het is een koersbepalend document met financiële en inhoudelijke kaders voor het daarop volgende begrotingsjaar. In de programmabegroting worden de voornemens van de kadernota geconcretiseerd. De begroting is een wettelijk voorgeschreven document waarmee de gemeenteraad het college autoriseert tot het doen van uitgaven voor bepaalde doelen. Na vaststelling van de begroting geeft de najaarsnota tussentijds een overzicht van de stand van zaken van de financiën en de uitvoering van beleid. In de jaarstukken tenslotte wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid en het financiële beheer. In de figuur is de planning- en controlcyclus schematisch weergegeven.

De programmabegroting

In de programmabegroting geeft de raad aan welke doelen hij wil bereiken en wat de beoogde maatschappelijke effecten daarvan zouden moeten zijn. Om deze maatschappelijke effecten te concretiseren worden daar doelstellingen aan gekoppeld. Tot slot wordt benoemd wat de gemeente gaat doen om deze doelen te halen en hoeveel dat mag kosten.

Opbouw van de begroting in drie delen

De begroting bestaat uit drie delen: de negen programma's met de algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien, de paragrafen en de financiële begroting.

A De programma's

Het eerste deel van de begroting zijn de negen programma's waarin alle gemeentelijke activiteiten en aandachtspunten op een bepaald beleidsterrein zijn verwoord.

Algemene Dekkingsmiddelen, overhead, VpB en Onvoorzien

Hierin staat welke algemene dekkingsmiddelen er zijn en wat het verloop daarvan is voor de komende vier jaar. Algemene dekkingsmiddelen hebben vooraf geen bepaald bestedingsdoel. Overhead en vennootschapsbelasting zijn nieuwe onderdelen.

B Paragrafen

De paragrafen gaan in op de bedrijfsvoering in brede zin. In de paragrafen staat de ‘hoe-vraag’ centraal:

  • Hoe gaan we om met belastingen? (paragraaf 1)

  • Hoe worden risico’s beheerst en welk effect heeft dat op het weerstandsvermogen? (paragraaf 2)

  • Hoe onderhouden we onze bezittingen en de openbare ruimte? (paragraaf 3)

  • Hoe lopen de geldstromen en onze vermogenspositie? (paragraaf 4)

  • Hoe is de bedrijfsvoering geregeld en wat kost dat? (paragraaf 5)

  • Met wie vormen wij verbonden partijen en hoe zijn de afspraken geregeld? (paragraaf 6)

  • Hoe is ons grondbeleid? (paragraaf 7)

  • Hoe gaan wij om met de gemalendienst? (paragraaf 8)

  • Hoe beheersen we de kosten in het sociaal domein? (paragraaf 9)

  • Wat zijn onze ambities in het fysieke domein (paragraaf 10)

  • Hoe vordert de implementatie van de Wet Open Overheid (paragraaf 11)

C Financiële begroting

In dit hoofdstuk zijn diverse (verplichte) financiële overzichten ondergebracht, waaronder de realisatie baten en lasten van het vorig jaar, het lopende jaar en de komende begrotingsjaren. Het is een samenvatting van het deel ‘Wat mag het kosten’ dat per programma is opgenomen, op verschillende wijzen gepresenteerd. Vervolgens volgt een uiteenzetting van de financiële positie. Dat is een prognose voor het verloop van de balans. Tot slot is een overzicht opgenomen met alle reserves en voorzieningen van de gemeente en het verwachte verloop daarvan.